Brabantse koe verbindt high tech met high touch

12 januari 2015

Over 100 dagen is het zover. De melkquotering verdwijnt. Ook in het Brabant van Gerrit Braks. Nu de quota verdwijnen gaan boeren niet tegen de klippen op melken. Dat komt door de grondgebondenheid. In Brabant melken 2.500 boeren ruim 200.000 koeien. Ruim 1 op de 6 Nederlandse koeien heeft daarmee zijn ligbed in Brabant. Voor onze provincie is de melkveehouderij qua ruimtegebruik en werkgelegenheid van belang. Vergeleken met andere provincies kenmerkt de Brabantse melkveehouderij zich door een hogere intensiteit (koeien/ha) en efficiëntie (bijv kg fosfaat / kg melk). Bij een toenemende intensivering van de melkveehouderij zorgen aanvullende maatregelen van de provincie er voor dat het grondgebonden karakter (grond : koeien) van de melkveehouderij overeind blijft. Maatregelen die ondersteund worden door organisaties uit de markt én de maatschappij. Ook landelijk zijn er spelregels afgesproken om ongebreidelde groei te beteugelen. De Eerste Kamer gaf deze week een klap op de Wet Verantwoorde Groei Melkveehouderij. Stilstand is geen vooruitgang weten ze ook in den Haag. Met deze wet kan het leeuwendeel van de boeren zich gepast blijven ontwikkelen. Net als hun voorgaande generaties. Dat is overigens geen waarheid als een koe. Continuïteit krijgt bij boeren namelijk vaak voorrang boven rentabiliteit. Zij lenen de grond van hun kinderen.

Naast de Dutch DJ’s, Dutch Design, Dutch Watertechnology is de Dutch Dairy een exportkanon én successtory. 44.000 voltijdbanen zorgen ervoor dat de Nederlandse zuivel wereldwijd in de Champions League speelt. De genen van de Friese Holstein koe zijn de hele wereld over gegaan. Vele voorvaderen van vele prijswinnende koeien hebben hier hun komaf. Nederland vormt een hub voor de internationale melkveehouderij. Ons land ligt strategisch sterk in een Europa met goede afzetmogelijkheden en een uitstekende logistieke infrastructuur. De gemiddelde exportwaarde is het afgelopen decennium gegroeid met gemiddeld 7% per jaar ondanks een economische crisis. De markt voor zuivel groeit snel buiten de Europese Unie. De verwachting is dat  structureel 10% ofwel 14.000.000.000 kg van de Europese melkproductie kan worden geëxporteerd.

Zoals alle landbouw legt ook de melkveehouderij beslag op schaarse natuurlijke bronnen. Het antwoord op de groeiende vraag naar zuivel kan dan ook niet worden gevonden in gebruik van meer landbouwgrond. In 2014 zijn er zo’n 16.000 koeien
bijgekomen die continu overdekt wonen. En tegelijk vinden wij – net als Paulus Potter met zijn 17e eeuwse schilderij ‘Vier koeien in de wei’ – dat koeien het oer Hollandse landschap stofferen. Hoewel ieder jaar iets minder zal tot 2020 het percentage koeien in de wei op zo’n 60 % blijven steken. Het helpt daarbij dat Friesland Campina per 1 januari de weidegangpremie verdubbelt voor zijn 19.000 leden-melkveehouders.

Met de consumentenvraag groeit ook de vraag naar kennis en technologie voor hogere productiviteit in een duurzamere wereld. De groeiende vraag biedt Nederland grote kansen voor zowel zuivel- als kennisexport naar opkomende landen in Azië en Afrika. Wel moet Nederland – doorgeschoten in operational excellence -  zorgen voor meer toegevoegde waarde op deze export door meer co-creatie.

Vanuit dit internationale perspectief pakt de Brabantse melkveehouderij de handschoen op om de verwevenheid met andere sectoren binnen en buiten de landbouw verder uit te bouwen. In hun gezonde streven naar de meeste toegevoegde waarde per koe liggen hier volop kansen. Ten eerste door meer dan nu de samenwerking te zoeken met andere sectoren binnen de landbouw ofwel de ‘cross-in’. Denk hierbij aan coopereren met akkerbouw en vollegrondstuinbouw voor wisselteelt of het versterken van de regionale kringloop bij de teelt van ruwvoerders. Ook kan de coöperatie worden gezocht met de varkens- en pluimveehouderij bij het in co-creatie verwaarden van dierlijke mest tot biomeststoffen voor eigen grond, akker- en tuinbouw en eventueel plantsoenen en volkstuintjes. Ten tweede kan dit door meer dan nu de samenwerking te zoeken met sectoren buiten de landbouw, ofwel de cross-over. Ook hier loopt de melkveehouderij al voorop in het verbinden van de landbouw met de energiesector (wind, zon en biomassa), zorgsector, recreatie, hospitality, en verkoop van lokale voedselproducten. Brabant combineert high tech industrie in een bourgondische high-touch samenleving. De Brabantse melkveehouderij kan deze beide kwaliteiten – high tech x high touch - combineren in samenspel met andere sectoren. Beieren ging Brabant hierin voor door de cross-over Laptop x Lederhose manifest te maken.

Met het innemen van deze unieke kruisbestuivings-positie werken de melkveehouders aan een ‘win-win’ voor zowel de sector in internationaal perspectief als de Brabantse samenleving. We leven immers niet in een tijd van verandering maar in een verandering van tijd. Elke dag (!) migreren wereldwijd 180.000 mensen van platteland naar stad. De komende 15 jaar komt er mondiaal gezien elk jaar een stad bij van ca 15.000.000.000 inwoners. Mensen trekken van platteland naar stad, naar grote stedelijke agglomeraties aan het eind van een rivier dichtbij een oceaan in een vruchtbare groene delta. Denk groot. Komt-ie: Nederland is zo’n grote stad in een groene delta met Het Groene Woud Maashorst en De Veluwe als central park. Nieuwe of uitdijende internationale steden hebben grote innovatie-vraagstukken op de combi van wonen werken recreëren  en (lokale) voedselproductie. En daarmee een uitdaging op intensivering van de ruimte. Dit is een prachtkans voor Nederland Gidsland. Immers wij doen de afgelopen driekwart eeuw niet anders in ons kikker- en koeienlandje. Voor de Nederlandse zuivel en Brabantse melkveehouderij in het bijzonder betekent dit grote kansen voor export van kennis en technologie aan vergelijkbare verstedelijkte plattelandsgebieden in opkomende economieën. Dat geldt eens te meer voor Brabant mits de verwevenheid met andere sectoren steviger is en er meer binding is met die Brabantse samenleving. Hightech design x hightouch feeling als basis voor een nieuw Brabants exportproduct.  

Roger Engelberts Lector Co-operatie & Co-creatie HAS Hogeschool
Han Swinkels Lector Duurzame Veehouderij Ketens HAS Hogeschool

Deel dit bericht