De leraar weet het vaak toch het beste

25 november 2014

Als wij leren wat leraren weten. Kunnen we dan ooit beter worden dan leraren? Dat is n mooie vraag. Nederland bungelt er een beetje bij als we kijken naar Europese en wereldwijde benchmarks op creativiteit, economie en innovatiekracht. Iedereen weet niet wat hij niet weet. Als we dat doortrekken kunnen we dan ooit beter worden dan de leraar om daarmee voorbij de zesjesmentaliteit en grijze middelmaat te komen? Ja, natuurlijk kan dat. Heeft alles met ambitie en aspiratie te maken. Er zijn natuurlijk veel meer - en vaak interessantere - leerbronnen dan leraren. Krant lezen, kennis spuit het internet uit, stage lopen en vooral geïnspireerd worden. Het gaat ook niet over leraren, maar leerkrachten. Zij moeten studenten in hun kracht zetten om te leren. Dat laatste gebeurt nu met de vierdejaars Topklasse op de HAS. Zij stampen geen kennis uit hun hoofd, maar worden gecoacht op een Rijnlandse manier, de meester - gezel - leerling relatie en vooral heel veel zelf doen. Vooral het zelf startend vermogen is belangrijk. Een goede leraar, coacht, begeleidt, laat je inzien hoe het werkt. De meest effectieve manier van leren is ervaringsleren.

De leraar weet het toch vaak het beste II
Zo luidt de kop boven het NRC begin oktober 2014. Het gaat er over dat de leraar vaak beter weet welke middelbare schoolopleiding bij een groep acht kind hoort dan de Cito toets uitwijst. Dat lijkt logisch immers Cito gaat vooral uit van ratio, weinig emotie en nog minder empathie. Cito houdt geen rekening met de 'andere' talenten van het kind. Kent deze niet, kan ze niet doorgronden. Omdat de leraar het beter weet, leidt de keuze voor de leerling vaak naar een opleiding richting de veilige kant. Immers alles draait om benchmarks en lijstjes en owee als het curriculum van de basisschool of (V)MBO in het gevaar komt. Dus stappen leraren en decanen in het systeem over op de veilige modus. Liever kiezen voor een veilige HAVO opleiding dan een risicovolle VWO opleiding bij leerlingen die het wel kunnen maar er 'net aan' zitten. Als er een jaartje zittenblijven tussen zit zou dat wel eens een krasje op het schoolblazoen kunnen geven. Kern van het probleem is dat je een mens in ontwikkeling laat beoordelen door een krachtige maar o zo domme momentenmachine, zo las ik laatst in een column. Leraren op de basisschool zijn o zoveel verfijnder in hun advies dan de hersenloze krachtpatserij van de Citotoets. Daarom, de computer moet doen waar hij goed in is. De mens moet doen waar hij beter in is. En dan moeten we - willen we internationaal competitief blijven - echt de randjes meer op gaan zoeken en er buiten gaan kleuren. Daag de jonge mensen uit op hun ambities, denken en doen. Willen we de Nederlandse algehele lat hoger leggen en internationaal mee blijven doen dan zullen we meer mensen moeten uitdagen zich te verbeteren ipv zich te wentelen in het feit dat iets goed genoeg is. Ga niet op de lat zitten maar spring er overheen. Dat begint al bij de ontwikkelende mens vroeg op de basisschool. En leraren, … en de habitat van een school heeft daar de wonderolie in handen om het slot naar ambitie en vernieuwing versneld te openen.

Deel dit bericht