Ontgrenzen in Limburg

20 juli 2012

Willen ondernemers en veehouders in het bijzonder de huidige economische dynamiek bijbenen dan moeten we stoppen met regel op regel te stapelen, alles planologisch en bestemmingsplantechnisch dicht te timmeren en burgers van de wieg tot het graf te verzorgen. Alles draait in de huidige tijd van onrust en onzekerheid om creatief denken, om nieuwe  economie en nieuw ondernemerschap. De laatste decennia draait het economisch vliegwiel in de veehouderij echter minder hard. Er zit zand in de economische motor. Ruim 500 weken praten over reconstructie van het platteland brengt alle belanghebbenden te weinig. We moeten niet polderen maar doelen stellen en aan de slag. Juist lokale economie, sociale cohesie en regionale innovatie vormen de turbo op de plattelandsmotor.  Oude economieën, traditionele verdienmodellen en oplossingen uit het verleden bieden onvoldoende soelaas. Schaalvoordelen zijn eindig, ze wegen simpelweg niet langer op tegen de investeringen en oude ketens die niet vernieuwen roesten door. Zoals Einstein zei: problemen worden nooit opgelost vanuit de context waarin ze zijn ontstaan.

Is het dan allemaal kommer en kwel? Absoluut niet. Ons Limburgse platteland en de veehouderij in het bijzonder ademen cultuurhistorie en historisch ondernemerschap. Van de Heijense Wimke de Korver tot Gulpeners gersttelers coöperatie Triligran en van Gennepse Jan Linders tot ZON Greenport en van publieks-  én juryprijswinnaar varkenshouder Pieter Cornelissen tot serie-ondernemer in aandacht en smaak Ria Joosten, die ruim  10 jaar geleden nog boerin was.

De veehouderij moet in sneltreinvaart veranderen van kostprijs en product(ie) naar markt- en klant- en opbrengstgericht denken. Dit lukt niet met navelstaren of de conservatieve hang naar het verleden. Verandering komt van buiten. Dat gaat namelijk over anderen in plaats van over jezelf. Met de plofkipdiscussie en met het Verbond van den Bosch komt het Centraal Bureau Levensmiddelen (de CBL koepel van retailers) met een statement dat al het vlees ‘duurzaam’ moet zijn. Gekatalyseerd door reputatiedruk vanuit Wakker Dier. Hetzelfde geldt voor de verandering van buitenaf met het sterrensysteem van de Dierenbescherming. Verandering komt van buiten, en dat is ook precies de reden waarom een door de sector geiniteerd eigen keurmerk voor pluimveevlees niet gaat landen. De tijd dat de slager zijn eigen vlees keurt hebben we echt ver achter ons gelaten. We leven in een glazen kaasstolp, met de huidige transparantie en sociale media is het met eigen producenten(labels) slecht kersen eten. Een toekomstbestendige sector moet zich richten op verdieping enerzijds en verbreding en landschappelijke beleving anderzijds. Het enige dat blijft is de verandering.

Het is raar dat natuur en landbouw ophouden bij het trekken van grenzen. Creativiteit en nieuwe economie ontstaat bij werkwoorden als ontgrenzen, ontzuilen en ontschotten.  Verkokerd denken en de waan van de dag bij boeren, burgers, ondernemers en beleidsmakers zorgen er bovendien voor dat we niet makkelijk brughoofden bouwen, laat staan kloven overbruggen. Limburg  is een provincie van niet lullen maar poetsen, maar ook een regio zonder lef en creativiteit. Nuchter en schuchter. Bescheiden. Jaja. Doe maar gewoon dan doe je gek genoeg. Echt nieuwe economische dragers komen slecht van de grond. Ga eens vreemd met andere partijen en vernieuwing komt je toe.

Hulde daarom voor de in serie geplaatste startmotoren van Greenport (met zijn nog onvoldoende tot z’n recht komende Kennis Kunde Kassa filosofie), de gedragen visie rond de Verklaring van Roermond (waar schijnbare tegenpolen uit loopgraven komen en samen werken aan één belang; een gezonde toekomst voor de veehouderij in Limburg). Hulde ook voor een gedeputeerde die het lef heeft om echte ambities uit te spreken. ,,Als we dan toch dierlijke eiwitproductie en veehouderij in Limburg hebben - met een tov andere provincies zelfs 2 keer zo groot belang in FTE’s, toegevoegde waarde en bijdrage aan het bruto nationaal product -  laten we dan met elkaar de allerbeste en meest duurzame veehouderij van de wereld huisvesten en hier zelfs een wereldproeftuin voor zijn.’’ En dat in ’s werelds eerste land waarin we dieren door mensen laten vertegenwoordigen in ons parlement. Hopelijk steken deze vernieuwers blijvend hun nek uit, ook als er nog meer weerstand komt of als het economisch nog moeilijker gaat. Nieuwe bestuurders moeten het zout in de pap zijn. Geen command en control welke met hiërarchie en bureaucratie vooruitgang frustreert. Nee, grote lijnen uitzetten middels bottom up werken, Rijnlands denken, ondernemers in de lead, visie en coaching. Maatwerk voor op het schild gehesen voorlopers, zonder de massa uit het oog te verliezen. En ja, hekkensluiters vertellen dat zij niet meer meedoen in de toekomst. Ook al is dat een pijnlijke boodschap voor een kwart van de ondernemers. Achterblijvers zijn remmers, die redden het niet, niet in onze ecologie en niet in onze economie. Tijdig wijken is ook ondernemerschap.

Met ontgrenzen ontstaat ook Draagvlak Door Dialoog. Een mooi voorbeeld. Het Nieuwe Gemengde Bedrijf. Het voorbeeld van 1 miljoen euro voor 1 miljoen kippen. Dialoog is hier onvoldoende gevoerd aan de voorkant. Daar waar er veel overheidsgeld in ging om aan de voorkant te sparren over technische innovaties, verbindingen en verdienmodellen,  hadden we aan de voorkant beter in het Grubbenhorster dorpscafé een meeting aan de tap kunnen hebben.  De echte comm-unity;  hier troffen in het verleden de mensen, boer, burger huisarts, beleidsmaker elkaar. Zeker in Limburg, de dichtsbekroegde provincie van Nederland. Hier werden de zaken geduid en besproken nog voor internet sms en Twitter het dorp aandeed. Nieuws werd via de dialoog en in de context geplaatst, geïnterpreteerd en verspreid.

Dat het anders en beter kan leert Shell ons met de case rondom de Brent Spar. Dit afgedankte olieplatform leerde Shell dat issuemanagement een cruciale is. Pas nadat de benzineverkoop – dankzij een actie van Greenpeace - aan de pomp in Duitsland met 5 tot 25 % daalde gingen de luiken open. Rationeel beredeneerd was  het inderdaad zo dat ze dit olieplatform beter konden laten zinken in een Noorse Fjord. Echter net als in de veehouderij nu wonnen toen ook sentimenten het van argumenten. Shell veranderde de gehele beslissingsstructuur sinds de Brent Spar. Waar vroeger het credo en het beslismodel was Decide – Announce – Defend, beslissing nemen, wereldkundig maken en direct de verdediging in, want er was niet aan de voorkant gedialogiseerd, besloot de voorganger van Jeroen van der Veer het model om te buigen naar Dialoque – Decide – Deliver. Eenmaal de dialoog gevoerd en standpunten aanhoort, was het makelijker en beter beslissingen nemen die je alleen maar over de bühne hoefde te brengen. Dus wel vooraf het gesprek aangaan. Niet achteraf vergiffenis vragen. Niet louter de procedure volgen (vinken) en later de verdediging in maar inspireren (vonken), de dialoog met je omgeving aangaan (omgevingsmanagement).

Daarmee gaan we meebewegen, niet tegenbewegen. Daarmee gaan we van Mega Stal naar GaMee stal. Geen inspraak. Geen uitspraak, maar meespraak. In die tijd leven we. Anders durven doen. Dus niet over maar met elkaar praten. Dat is de winst die Innovatie Duurzame Veehouderij Limburg nu boekt. En – hoewel het vertrouwen nog broos is – nu volhouden en elkaar niet op de cover van de Limburger in komkommertijd de headlines uitvechten.  Reken elkaar af op concrete samenwerkingen en resultaat. Het Centrum voor Dierenwelzijn voor 5 miljoen bouwen in Roermond door de dierenbescherming? Doe dat samen, ook met de boeren. Creëer een gezamenlijk doel wat echt gedragen wordt en creëer ruimte voor nieuwe ontwikkelingen (oa in bestemmingsplannen).

Laat zien dat het WEL kan. Een stap voor stap strategie zorgt voor draagvlak omdat je concrete projecten laat zien dat het wel kan. Organiseer dus een Kopgroep van goede innovatieve ondernemers met concrete voorbeelden. Zij zorgen uiteindelijk  voor een jagend peloton. De massa moet willen trekken en verbeteren. Uiteindelijk zal deze groep ‘verbonden’ ondernemers op een podium zich met trots presenteren. Er is mij veel aan gelegen dat er een vitale achtertuin is waar burgers én consumenten wonen, leven, recreëren en werken en er hun voedings- en grondstoffen halen of maken. De provincie en gemeente scheppen daarbij ruimte, laten de natuur de natuur en trekken nieuwe duurzame bedrijvigheid aan. Vervolgens maken we de 360 graden cirkel echt rond door ons gedachtengoed om te klappen naar Duitsland en de EU regio, daar ligt de echte pot met goud, wetende dat Duitsland nog steeds bijna ¾ van al onze producten afneemt. Op het thema ontgrenzen en EUregionale samenwerking hebben we echt goud in handen. En juist van één ding hebben we veel in overvloed en dat is… grens. Limburg weet maar liefst 250 km landsgrens aan zich te binden. Dit is de enige echte grote pot goud die Brussel de komende jaren nog in petto heeft. Ontgrenzen werkt samenwerking in de hand. Zo ontstaan nieuwe innovatieve combinaties. En daarmee komt er een kapitaalstroom op gang van stad naar land. Zo ontstaat licht in de verkokerde veehouderijtunnels. Licht schijnend op een nieuw economisch en vitaal sLimburg. En niet het licht van de tegemoetkomende trein die zorgt voor een nieuw infarct.

Roger Engelberts

Voorzitter Denktank Innovatie Duurzame Veehouderij Limburg

Deel dit bericht